innovatieve projecten

Bekostiging taal en ouderbetrokkenheid

Welke mogelijkheden zijn er om TOP-cursussen te bekostigen uit reguliere overheidsmiddelen? Hieronder wordt een aantal opties genoemd.

Er zijn naast reguliere overheidsmiddelen natuurlijk meerdere opties voor het verwerven van aanvullende financiering, bij fondsen, bij de gemeente uit specifieke middelen, e.d. Deze mogelijkheden worden hier vanwege de lokale variatie en actualiteitsgevoeligheid niet verder uitgewerkt.
Ook zijn scholen of schoolbesturen in principe de gelegenheid hun eigen middelen aan te wenden voor  TOP. Of zij dat doen hangt uiteraard af van de prioriteiten die zij moeten of willen stellen voor de besteding van hun budgetten.

WEB-middelen

In de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB) moeten alle gemeenten vanaf 1 januari 2015 zorgen voor een educatieaanbod afgestemd op de behoefte van de doelgroepen in de eigen gemeente.  De WEB-middelen zijn bedoeld voor analfabeten, laaggeletterden en vrijwillige inburgeraars.

Er zijn drie goede redenen om WEB-middelen in te zetten voor aanbod Taal, Ouderbetrokkenheid en Participatie (TOP):

  1. De WEB-middelen worden dan efficiënt ingezet. Laaggeletterde en laagtaalvaardige mensen leren het beste als de lessen goed passen bij wat zij dagelijks nodig hebben. Als de lesinhoud hen helpt die dagelijkse taken uit te voeren en zij gestimuleerd worden buiten de les te gebruiken wat zij in de les leren. Een algemene cursus is daardoor minder effectief dan bijvoorbeeld een educatietraject Nederlands op de Werkvloer voor werkenden of taal en ouderbetrokkenheid voor ouders.
  2. Ouderbetrokkenheid is maatschappelijk gezien belangrijk. Het effect van de inzet van de WEB-middelen voor TOP telt dubbel; voor zowel de ouders als de kinderen.
  3. Via scholen is in principe een groot deel van de doelgroep van de WEB te bereiken, terwijl scholen het niet tot hun taken beschouwen om zorg te dragen voor de taalontwikkeling van de ouders. Het is daarom goed als gemeenten fungeren als partner van de scholen.

Het ligt daarom voor de hand laag taalvaardige, laaggeletterde ouders met kinderen in de vve, basisonderwijs of voorgezet onderwijs als specifieke doelgroep aan te merken. Gemeenten kunnen als een van de speerpunten in hun beleid Taal, Ouderbetrokkenheid en Participatie (TOP) benoemen en deze doelgroep bedienen met WEB-middelen.

Gemeenten in één arbeidsmarktregio werken daarbij samen en stellen een programma educatie op en maken afspraken met aanbieders van educatie. Zij krijgen de kans om met de WEB-middelen aanbod voor TOP in te kopen bij aanbieders die daarvoor de juiste expertise in huis hebben.

De wet biedt bovendien de gelegenheid de financiële middelen in te zetten voor zowel formele als non-formele educatietrajecten. Bij formeel aanbod betekent dat, dat de deelnemer aan een TOP-traject bij een school het traject afsluit met een officieel diploma of certificaat (bijvoorbeeld het inburgeringsexamen). Bij cursussen TOP zal het echter vaker gaan om non-formeel aanbod, waarbij er geen afsluiting plaatsvindt op basis van een formeel diploma of examen. Er bestaat immers geen ‘diploma’ taal en ouderbetrokkenheid en TOP-cursussen zijn zo specifiek toegesneden op functioneel taalgebruik (en eventueel rekenen) in relatie tot school en educatief thuismilieu, dat er niet vaak een algemene taalniveauverhoging als doel gesteld wordt. (Dat kán echter wel.)

Een centraal ingekocht aanbod is uiteraard efficiënt voor scholen en schoolbesturen en verlaagt de drempel om TOP op de school aan te bieden. Scholen en hun besturen kunnen besluiten TOP-cursussen uit eigen middelen te financieren of te zoeken naar subsidiemogelijheden buiten de WEB.

VVE-middelen

VVE-middelen zijn bedoeld voor voor- en vroegschoolse educatie voor kinderen met achterstanden. Onderdeel hiervan is ook het versterken van de ouderbetrokkenheid, met name om ouders die dat nodig hebben te versterken in hun rol voor de kinderen. Cursussen Taal en ouderbetrokkenheid kunnen (mede) gefinancierd worden uit de VVE- middelen.

Integratie-uitkering Sociaal domein en algemene middelen uit het gemeentefonds

Per 2015 worden middelen voor re-integratie, WSW, WMO en Jeugd via een zogenaamde Integratie-uitkering Sociaal domein aan de gemeenten toegekend.  Er is daarbij bestedingsvrijheid net als de algemene middelen uit het gemeentefonds. Zowel vanuit deze algemene middelen als vanuit de WMO-invalshoek van de Integratie-uitkering kan gedacht worden aan het financieren van TOP-aanbod uit deze uitkering.

Overige sociaal domein

Daarnaast zijn er mogelijkheden in het kader van andere landelijke, regionale of locale aandachtsgebieden middelen vrij te maken voor TOP. Te denken valt daarbij aan de opvang van Vluchtelingen, anti-radicaliseringsprogramma’s, jeugdzorg, gezondheidszorg e.d. De rol die ouders kunnen spelen in de ontwikkeling van hun kinderen is niet gemakkelijk te overschatten en het loont de moeite om bij verschillende beleidsterreinen te overwegen TOP te betrekken.