gezin

Boekenpret

Boekenpret is een leesbevorderingsprogramma voor laaggeschoolde ouders van kinderen  van 0 tot 6 jaar. Het doel is dat zij ontdekken dat voorlezen leuk kan zijn. Kindercentra, bibliotheken en scholen bieden de basis met behulp van handleidingen, videobanden en brochures. De ouders krijgen materiaal voor thuis aangereikt: speel-ontdekboeken, (voorlees)boekjes en tippenboekjes.

Boekenpret in het kort

Boekenpret is een combinatie van een gezingerichte- en centrumgerichte aanpak. Het creëren van een stimulerend leesklimaat op de centra (consultatiebureau, peuterspeelzaal, basisschool) vormt de basis voor het stimuleren van voorlezen thuis. De bedoeling is de taalontwikkeling te stimuleren, waardoor de aansluiting bij het (lees)onderwijs vergemakkelijkt wordt en de kinderen de gelegenheid krijgen zich uiteindelijk te ontwikkelen tot goede lezers. Einddoel is kinderen 500 (voorlees)uren op te laten doen voor hun zevende jaar.

Gedurende zes jaar krijgen kinderen boekjes thuis. De primaire opvoeders:

  • Worden geïnformeerd over voorlezen
  • Krijgen modelvoorleesgedrag te zien
  • Worden gestimuleerd door hun eigen kind om voor te lezen
  • Kunnen worden begeleid bij het voorlezen

Boekenpret en ouders

Veel activiteiten van Boekenpret zijn gericht op het creëren van een leesomgeving voor het kind thuis en het leren omgaan met voorlezen. De activiteiten variëren in intensiteit. Zo zijn er voorlichtingsactiviteiten, activiteiten waarbij voorbeeldgedrag centraal staat, maar ook activiteiten waarbij een buurtmoeder met het kind de mogelijkheden van voorlezen laat zien. Een buurtmoeder is daarbij een paraprofessional met, indien mogelijk, dezelfde culturele achtergrond als het gezin.

Onderzoek naar de effectiviteit van Boekenpret

Er heeft een aantal kleinschalige onderzoeken plaatsgevonden naar effecten van Boekenpret (waaronder een veranderingsonderzoek). Het betreft onderzoeken naar lokale varianten van het programma. Positieve effecten zijn gevonden op onder andere de materiële leesomgeving van de gezinnen, het interactief voorlezen (Bos, 2002) en het voorleesgedrag van ouders (Osinga en Lub, 1997). Echter: een controlegroep ontbrak en de selectie van deelnemers is onduidelijk, waardoor de gevonden effectiviteit niet hard kan worden gemaakt.

Meer informatie

Osinga, A.& I. Lub (1997), Interactief voorlezen. Effecten van het leesbevorderingsproject Boekenpret op het voorleesgedrag van ouders. Groningen: Rijksuniversiteit Groningen.

Bos, J.P.M.J. (2002). Boekenpret opgegroeid? Een effect- en evaluatieonderzoek van Boekenpret Tilburg in 2000, het verschil met Boekenpret 1997.