gezondheid

Niet elke patiënt snapt de bijsluiter

Maar liefst 2,5 miljoen mensen in Nederland zijn laaggeletterd. Zonder duidelijke en herhaalde uitleg gebruiken ze hun medicijnen makkelijk verkeerd. Goede begeleiding van deze groep begint met bewustwording bij hulpverleners, vertelt Gudule Boland van Pharos.

Hoe groot is het probleem van laaggeletterdheid?

‘Ons land telt veel meer laaggeletterden dan mensen zich realiseren: 2,5 miljoen, 13 procent van de bevolking. Zij hebben moeite met lezen, schrijven en vaak ook met cijferen. Een tekst als “tweemaal daags twee pillen” kunnen ze weliswaar technisch lezen maar niet goed toepassen, blijkt uit onderzoek. Bijsluiters zijn voor hen niet te begrijpen en hun ziekte-inzicht is beperkt. Laaggeletterdheid gaat hand in hand met een lage opleiding. Laagopgeleiden hebben veel vaker chronische aandoeningen zoals diabetes of hart- en vaatziekten. Zij leven veertien jaar korter in goede gezondheid en sterven zeven jaar eerder dan hoogopgeleiden! Dat grote gezondheidsverschil willen we terugdringen.’

Wat kan het door u geleide project Samenwerken aan veilig medicijngebruik bij laaggeletterde patiënten in de eerste lijn daaraan bijdragen?

‘Een belangrijk doel is de therapietrouw van laaggeletterden te bevorderen door de begeleiding door huisarts, praktijkondersteuner en apotheker te verbeteren. Zorgverleners herkennen deze patiënten nu vaak niet. Ze praten voor deze groep vaak te ingewikkeld en vinden het ook lastig om hun communicatie aan te passen. We hebben in het project zorgverleners van vier gezondheidscentra, huisartsenpraktijken en apotheken in Amsterdam, Utrecht en Amersfoort getraind in het herkennen van signalen van laaggeletterdheid en in passende communicatie.
Daarnaast willen we samenwerking tussen eerstelijnszorgverleners bevorderen. Dat kan onder meer door laaggeletterdheid in het huisartsinformatiesysteem en het apothekersinformatiesysteem te registeren. Als zorgverleners dan het systeem openen, krijgen ze meteen de melding dat de patiënt laaggeletterd is. Dan weten ze dat op een andere manier moeten communiceren.’

Lees hier het hele artikel