gezin

Nieuwe aanpak voor samenwerking met laaggeletterde ouders

Martine van der Pluijm (Hogeschool Rotterdam, lectoraat Ouders in Rotterdam Zuid) heeft tijdens haar promotieonderzoek Thuis in Taal een aanpak ontwikkeld, die leerkrachten helpt samen te werken met laaggeletterde ouders om de taalomgeving thuis te verrijken. De ervaringen zijn positief.

De aanpak werd op zes Rotterdamse scholen beproefd. Scholen herkennen taalarmoede in gezinnen en laaggeletterdheid bij ouders nog onvoldoende. Juist deze problematiek leidt echter tot knelpunten in de samenwerking tussen leerkrachten en ouders. Ouders komen bijvoorbeeld niet naar bijeenkomsten of doen de gevraagde opdrachten niet met hun kind. Dat geldt ook voor het voorlezen aan hun kind.

Taal beperkt

Niet alleen de taal van deze kinderen is beperkt, ook beschikken zij vaak over minimale ervaringen op basis waarvan zij woorden kunnen begrijpen die voor anderen zo vanzelfsprekend zijn. Denk aan een greppel, een kraai, een koe of de zee. Veel kinderen en ouders leven in een kleine wereld, missen ervaringen, waardoor deze woorden geen betekenis hebben.

Actief taalcontact

Dat het actieve, mondelinge taalcontact tussen ouders en hun kinderen de basis is voor de vroege taalontwikkeling, is een belangrijke reden om juist in de onderbouw de samenwerking met deze ouders voorrang te geven. Maar over de wijze waarop dat op een effectieve manier kan, bestaan nog veel vragen.

Initiatief

Leerkrachten die werken met Thuis in Taal nemen het initiatief om de samenwerking met ouders vorm te geven ongeacht de achtergrond van ouders en de afstand die zij ervaren. Deze rol is relatief nieuw voor leerkrachten. ‘Samen­werken met ouders levert me zo veel op’, is een terugkerend antwoord van deze leerkrachten op de vraag naar hun ervaring met deze samenwer­king met ouders. Leerkrachten ervaren dat ze er niet alleen voor staan, meer plezier hebben in hun werk en dat ze het kind beter kunnen ondersteunen. De activiteiten kosten relatief weinig tijd en leveren veel op.

Positieve toon

Alles staat of valt met de positieve toon van de leerkracht. Die nodigt ouders en kinderen uit om mee te doen. Hoewel het voor de hand ligt om veel aanwijzingen te geven, is gebleken dat het het meest effectief is als de leerkracht model­leert. Alleen praten over de taalontwikkeling is voor laaggeletterde ouders vaak wat abstract. Veel ouders weten bovendien niet wat taalstimu­lering is en zijn onzeker over hun rol om taal te stimuleren. Het werkt beter om ouders samen met hun kind hun rol te laten ervaren met voorbeelden van de leerkracht en andere ouders. Voor ouders die de Neder­landse taal onvoldoende machtig zijn, kan het drempelverlagend zijn als zij met hun kind kunnen praten in de taal die zij het beste beheer­sen (en die zij ook thuis met hun kind spreken).

Spelvorm

Om ouders effectief te ondersteunen om de taal van hun kind te stimuleren, zijn slechts kleine aanpassingen nodig die helpen om korte gesprekjes en veel interactie uit te lokken. Een eenvoudige spelvorm kan helpen om de benodigde beurtenwisselingen te stimuleren. Denk aan het spel Wie ben ik?, waarbij ouder en kind elkaar vragen stellen en hints geven om het juiste antwoord te raden. Ook kan de leerkracht een gesprek stimuleren door het kind een opdracht mee te geven, bijvoorbeeld: bespreek met mama of papa welke feesten jullie allemaal kennen en welke je het leukste vindt. Ter ondersteuning van het gesprek kunnen kind en ouder samen een tekening maken. Omdat de ouders mogelijk leesproblemen hebben, is het raadzaam om, zeker in het begin, leesopdrachten te vermijden.

Impuls

Hoewel dit soort ouder-kind activiteiten maar 20-30 minuten in beslag nemen, geven de wekelijkse terugkeer en de opbouw ervan een belangrijke impuls aan het gesprek. Deze opbouw bestaat uit drie stappen: 1) rolstimulering van de ouder, 2) ouders helpen taal prioriteit te geven (en niet het eindresultaat) en 3) het taalgebruik uitbreiden: meer woorden en meer abstractie.

N.B. Dit is een samenvatting van het artikel in de nieuwe Sardes Special ‘De Stem van ouders voor succesvolle samenwerking’. Het volledige artikel en de lijst met andere artikelen uit de special zijn hier te vinden.

Bron: Kinderopvang Totaal