algemeen

Op bezoek in Breda – van Engelshoven en Knops bezoeken drie mooie initiatieven

De gemeente Breda werkt hard aan het verminderen van laaggeletterdheid. In de stad zijn talloze succesvolle projecten die helpen laaggeletterdheid in Breda te voorkomen en verminderen. Vandaag bezoeken minister van Engelshoven (OCW) en staatssecretaris Knops (BZK) drie van deze initiatieven: Afvalservice Breda, het Taalhuis Breda en Kbs John F. Kennedy. Wethouder Miriam Haagh leidt ze rond.

Profijt voor werk en privé

Bij Afvalservice Breda krijgen werknemers als onderdeel van hun werk een taal- en tabletcursus aangeboden. Naast lezen en schrijven ontwikkelen werknemers hiermee ook hun digitale vaardigheden. Dat besluit werd niet zomaar genomen, licht afdelingshoofd Cees van Bavel toe: ‘Toen wij vanuit de directie aankondigden dat we efficiënter wilden gaan werken met iPads, stuitte dit op enige weerstand van het personeel. Eerst begrepen we niet goed waar deze weerstand vandaan kwam. Na een aantal gesprekken kwamen we er uiteindelijk achter dat de iPad niet zozeer het probleem was, maar de angst en onzekerheid om ermee te werken.’

Daarnaast bestond de indruk dat een aantal medewerkers moeite had met lezen en/of schrijven. Mededelingen in postvakken werden bijvoorbeeld vaak niet gelezen. Daarom besloot Van Bavel samen met collega en teamleider Maarten Plasschaert een taal- en tabletcursus op te zetten, in beginsel voor iedereen binnen Afvalservice Breda. De selectie werd gemaakt aan de hand van een intake waarmee het niveau werd bepaald. Het grootste gedeelte van de medewerkers heeft een maatwerktraining gehad voor de tablet. En 45% van de medewerkers is bijgespijkerd voor lezen en schrijven niveau 2F. ‘Dat was geen makkelijke opgave,’ herinnert Plasschaert zich. ‘Het onderwerp was nogal een taboe en de directie moest sommige medewerkers overtuigen van het belang ervan. Maar het is gelukt! Alle medewerkers die in aanmerking kwamen, hebben de cursus succesvol doorlopen.

Achteraf blijkt dat de ervaringen overwegend positief zijn en dat de medewerkers zowel in hun werk als privé profijt hebben van de cursus.’Volgens beide heren is de inzetbaarheid van medewerkers flexibeler geworden omdat zij, wanneer het nodig is, ook kantoorwerkzaamheden kunnen verrichten. Hiermee is een goede basis gelegd voor een stimulerende leercultuur die nodig is om toekomstproof te zijn.

Afvalservicemedewerker Jason krijgt alle meldingen voortaan binnen via de iPad. Foto: Lotte Burger

 

Volgens Cees (l) en Maarten wordt er nu beter gecommuniceerd op de werkvloer. Foto: Lotte Burger

 

 

Educatieve en sociale functie

Rinske Faas is consulent/coördinator bij het Taalhuis Breda, gevestigd in de bibliotheek van de Nieuwe Veste. Dit is een gecombineerde culturele instelling waar meerdere organisaties samenkomen. Het Taalhuis heeft zelf een cursusaanbod, maar is ook het loket (knooppunt van de stad) om te verwijzen naar andere cursussen in het (digi-taal) netwerk van de stad. Faas herkent de positieve reacties die het volgen van een cursus kan veroorzaken. Bij het Taalhuis kan iedereen die aan zijn of haar basisvaardigheden wil werken gratis cursussen volgen, verzorgd door veertig vrijwilligers. ‘Het Taalhuis is dus niet bedoeld om Nederlands te leren, maar om de basisvaardigheden te oefenen en daarin beter te worden. Denk hierbij aan digitale vaardigheden, maar ook aan het oefenen van solliciteren. Ook willen we binnenkort de cursus rekenen aanbieden’, vertelt Faas. ‘Daarnaast kunnen cursisten bij ons ook mensen ontmoeten. Het Taalhuis heeft naast een educatieve functie daardoor ook zeker een sociale functie: door laaggeletterden met elkaar te laten oefenen, halen we hen uit hun isolement. We hopen hierdoor een stukje angst weg te nemen.’

Lianne Knobel (l) en Rinske Faas. Foto: Lotte Burger

De opkomst in het Taalhuis is hoog, de vooruitgang groot, maar toch zijn er volgens accountmanager Lianne Knobel nog stappen te maken. Knobel: ‘De meeste cursisten zijn mensen met een niet-Nederlandse achtergrond die hun Nederlands willen verbeteren. Dat is natuurlijk hartstikke goed. Maar we weten dat onder de mensen met Nederlands als moedertaal ook laaggeletterdheid bestaat; er zijn veel oude én jonge mensen die nooit goed hebben leren lezen en schrijven. We zouden dan ook graag meer mensen uit deze groep willen ondersteunen. Daarom zijn we nu samen met partners en de gemeente aan het onderzoeken hoe we deze groep beter kunnen bereiken. Daar ligt onze volgende uitdaging.’

Stabiele basis

Op basisschool John F. Kennedy wordt taalles aangeboden aan ouders. Op die manier hoopt de school vooral de betrokkenheid van ouders te vergroten. ‘Je merkt dat een betere beheersing van de Nederlandse taal een drempel wegneemt, een bepaalde onzekerheid’, aldus directeur Mariska Snijder. ‘Wij hebben een gemêleerde school met een grote culturele diversiteit. Dat zorgt ervoor dat er bij een deel van onze kinderen thuis weinig tot geen Nederlands wordt gesproken. Door het aanbieden van taallessen aan ouders, hopen wij dat er thuis meer aandacht is voor de Nederlandse taal. Dat is goed voor de ouders, maar natuurlijk ook voor de kinderen. Op die manier vormt zich een stabiele basis.’

Bijzonder is dat de taallessen onder schooltijd plaatsvinden. Ouders die hun kind naar school brengen, kunnen gelijk aansluiten voor de taalles. Snijder vult aan: ‘En voor de ouders die kinderen hebben in de leeftijd van nul tot vier jaar, hebben we hier binnen de school oppas geregeld. Op die manier proberen we de taalles zo laagdrempelig mogelijk te maken.’

Op dit moment volgen zo’n zeven groepen van gemiddeld vijftien cursisten (voornamelijk moeders) een taalles op basisschool John F. Kennedy. Snijder: ‘De deelnemers krijgen twee keer per week anderhalf uur lang les. We bieden daarbij vijf verschillende niveaus aan, zodat er voldoende ruimte is om door te groeien. Gemiddeld hebben de cursisten een jaar nodig om door te groeien naar een volgend niveau.’ Snijder vindt het vooral mooi om de persoonlijke ontwikkeling van de deelnemers te zien. ‘Mensen krijgen zelfvertrouwen en worden een stuk zelfstandiger. Dat laat nog maar eens zien hoe belangrijk het is om die basisvaardigheden onder de knie te hebben.’

Taalcursus voor ouders bij de John F Kennedyschool

Bredase Actieplan

Zowel het Taalhuis als basisschool John F. Kennedy willen hun lessen in taal- en digitale vaardigheden voortzetten in de toekomst. En ook Afvalservice Breda heeft een duurzame methode ontwikkeld om laaggeletterde medewerkers te ondersteunen. De verbeterde communicatie op de werkvloer, het zelfvertrouwen van ouders en het kunnen meedraaien in de maatschappij zijn van groot belang. Niet alleen voor mensen nu, maar ook voor hun kinderen.

Bovengenoemde initiatieven zijn onderdeel van het Bredase actieplan laaggeletterdheid, waarmee de gemeente Breda laat zien regie te willen voeren op dit vraagstuk. De aanpak in Breda is vooral gericht om laaggeletterdheid en taalachterstanden bij volwassenen tegen te gaan. Hierbij richt de gemeente zich op twee pijlers. Allereerst wil zij meer mensen aan het leren krijgen zodat de basisvaardigheden als lezen en schrijven worden verbeterd, waarbij ook aandacht is voor digitale vaardigheden. En ten tweede richt de gemeente Breda zich op het verbeteren van de onderlinge communicatie. Het doel is dat meer bedrijven, instanties en overheidsorganisaties rekening houden met mensen die laaggeletterd zijn in de taal en toon die zij gebruiken. Dat zorgt ervoor dat iedereen mee kan doen in Breda.

Vervolgaanpak laaggeletterdheid 2020-2024

En om ook de rest van Nederland mee te laten doen, hebben de ministeries van BZK, OCW, SZW en VWS besloten de komende vijf jaar extra te investeren in de aanpak van laaggeletterdheid. Meer informatie vind je hier: ‘Vervolgaanpak laaggeletterdheid 2020-2024‘. Dit wordt gedaan in samenwerking met gemeenten, bibliotheken, werkgevers, mensen in de zorg en maatschappelijke organisaties. En natuurlijk ook met de mensen zelf. Op die manier hoopt de overheid haar steentje bij te dragen aan een vaardiger Nederland.

Aan het einde van het bezoek aan Breda, bedankt staatssecretaris Knops (*) de wethouder voor haar gastvrijheid. De staatssecretaris toonde zich content over de mooie initiatieven en was onder de indruk van de mooie verhalen van de cursisten en het enthousiasme waarmee zoveel mensen zich inzetten om laaggeletterdheid te verminderen.

(*) Helaas kon minister van Engelshoven er niet tot het einde van het bezoek bij zijn. Zij moest i.v.m. het schietincident in Utrecht in allerijl terug naar Den Haag.

 

Staatssecretaris Knops bedankt wethouder Miriam Haagh.